De ironie is wel vrij opmerkelijk. Clapton heeft in zijn loopbaan heel wat van en met zwarte bluesmuzikanten gespeeld, waaronder twee complete albums met songs van Robert Johnson. In een documentaire op NPO 2 kon je hem minzaam de complimenten van B.B. King in ontvangst zien nemen en dankbaarheid tonen dat King hem zijn vriend noemde.

En toch is Clapton in 1977 op het podium stevig tekeer gegaan over buitenlanders en was hij daarmee ongewild de aanzet voor de organisatie Rock Against Racism. In de documentaire werd het min of meer afgedaan als gevolg van een drugs- en drankprobleem en Clapton claimde niet geïnteresseerd te zijn in politiek, maar in 2004 en 2007 sprak hij wederom zijn bewondering uit voor de Britse politicus Enoch Powell, een held van extreem-rechts in Engeland. Het lijkt erop dat hij ongeveer net zo niet racistisch is als Nigel Farage.

Dan wel je carrière bouwen op muziek die bij uitstek ontstaan is op de ellende van racisme en slavernij is dan best akelig.