Superunknown kun je het niet noemen

Bij mij is de basis van mijn muzieksmaak gelegd toen ik een jaar of twaalf was. Dat geldt ook voor de jonge jongens van Black Stone Cherry. Ze mogen dan vooral hun roots in de southern rock noemen, bij vrijwel elke song hoor je dat ze meer beïnvloed zijn door de begindagen van de grunge. In de zang van Chris Robertson hoor je hetzelfde achter-de-adem-aanzingen-vibrato als bij Pearl Jam’s Eddie Vedder en de zanglijnen van Soundgarden’s Chris Cornell, terwijl de ritmesectie en de slaggitaren in het merendeel van de songs zo van Soundgarden’s Superunknown afkomstig zouden kunnen zijn. Sterker nog: ook de Yardbirds-cover “Shapes Of Things” wordt flink vergrunged. Dat is niet erg, maar dit bandje wordt nu gehypet als een nieuwe sensatie die teruggrijpt op legendarische bands van de jaren zeventig. Jammer, want het doet af aan wat deze jongens echt zijn en kunnen. De grunge is flink ingezakt na het verscheiden van bands en/of bandleden van Nirvana, Alice in Chains, Stone Temple Pilots en Soundgarden. Black Stone Cherry brengt die sound weer helemaal terug en gooit daar zo nu en dan nog wat restantjes seventies doorheen. Niet alle songs zijn even sterk, maar met songs als “Maybe Someday” en single “Rain Wizard” staat er genoeg op om bij de oude grunger een serieuze partij nostalgie op te roepen.

Black Stone Cherry – Black Stone Cherry
(Roadrunner / CNR)